Bid vooral voor Afrika

“Je moet in deze tijd voor heel de wereld bidden, maar vooral voor Afrika. Meer dan enig ander continent is ze afhankelijk van wat er elders in de wereld gebeurt.”

Aan het woord is Moses Neindow, projectmanager bij de Presbyterian Agricultural Services (PAS). Hij is vanuit dit onderdeel van de Presbyterian Church of Ghana nauw betrokken bij het kariténotenproject voor boerinnen op het arme platteland van Noord-Ghana.

Onze geloofsgemeenschap ondersteunt door middel van het project Ghana Vice Versa het shea butter project en helpt daardoor ernstige armoede tegen te gaan. Moses Neindow is bekend met het bestaan van ons project. Carla van der Laan heeft hem vorig jaar tijdens haar bezoek aan Ghana namens onze gemeenschap een kaars overhandigd.

Ten tijde van het interview verblijft Moses op een hotelkamer in Akropong, niet ver van de Ghanese hoofdstad Accra.

Waarom ben je momenteel in Accra?
“Naast mijn werk als projectmanager voor shea project volg ik een opleiding tot kerkelijk werker. In verband daarmee verblijf ik nu in Accra. Tot voor kort was er voor Accra en andere grote steden een complete lockdown van kracht. Maar die is opgeheven, zodat ik naar Accra heb kunnen reizen. Over twee weken reis ik weer naar Tamale in het noorden. Daar woon ik met mijn vrouw en vier kinderen.”

Hebben de voorzorgsmaatregelen in verband met het Coronavirus ook invloed op jou en je gezin?
“Jazeker. De basisscholen zijn namelijk dicht en onze kinderen zijn dus de hele dag thuis. Als ouders moeten we ze nu zelf lesgeven. Dat is echt heel moeilijk. We zijn het niet gewend om te doen. Bovendien moeten we onze aandacht ook geven aan ons eigen werk. Gelukkig is mijn kantoor niet ver van ons huis. De maatregelen kunnen ook invloed hebben op ons inkomen. Mijn vrouw is lerares. De regering heeft aangegeven dat ze, als de scholen nog langer gesloten blijven, niet kan doorgaan met het doorbetalen van leerkrachten. Wij hebben dat geld wel nodig. Wij moeten namelijk niet alleen in ons eigen levensonderhoud, maar ook in dat van mijn ouders voorzien. We hopen dan ook zeer dat de scholen weer opengaan. De regering heeft dat nog niet met zoveel woorden gezegd, maar tekenen wijzen erop dat ze in juni weer opengaan.”

Houden mensen zich aan de voorzorgsmaatregelen?
“Ja, ze begrijpen dat er geen andere optie is, want er staan levens op het spel. Ook toen in de grote steden een maand lang een lockdown van kracht was, hielden ze zich eraan. Dat was wel moeilijk. Ze hadden vers voedsel nodig. Doorgaans hebben ze voor slechts enkele dagen voedsel in huis. In huis blijven past ook niet in onze cultuur. Mensen zijn gewend naar buiten te gaan. Ze beschikken in huis huis niet over fris drinkwater en een toilet. Daarvoor moet je naar buiten. Het was kiezen tussen doodgaan van de honger of doodgaan aan het virus.”

Wat verwacht je dat er in het Noorden op het platteland gaat gebeuren?
“In het noorden is er geen complete lockdown van kracht geweest. Toch zijn mensen bang dat ze besmet zullen raken en durven daarom niet naar het werk te komen. Die angst komt ook tot uitdrukking in de gedwongen quarantaine voor dorpsbewoners die vanwege de lockdown uit het zuiden teruggekomen zijn. Diezelfde angst leeft ook onder de vrouwen van het boerinnenproject. Ze komen niet naar het werk. Dat betekent ook dat ze niet of nauwelijks aan voedsel kunnen komen. Het land brengt niet genoeg voor een heel jaar op. Ze zullen ook elders voedsel moeten kopen. Op termijn kan dit tot ernstige hongersnood leiden.”

Ondervindt het boerinnenproject ook gevolgen?
“Vanuit de PAS ondersteunen wij de coöperaties van boerinnen bij het op de markt brengen van de shea butter. Circa 90% van hun productie is bestemd voor de internationale markt. Die vraag is door het sluiten van de grenzen weggevallen. Er kan nu dus enkel voor de binnenlandse markt geproduceerd worden. De meeste verwerkingscentra liggen dus stil. Een aantal is er open om te voldoen aan de actuele vraag. Vrouwen werken in kleine groepen, zodat ze voldoende afstand van elkaar kunnen houden. De zakken met kariténoten en de al geproduceerde shea butter worden ondertussen in opslagruimtes bewaard. Nu de maatregelen wat versoepeld zijn, proberen wij als PAS de coöperaties en de markt weer met elkaar te verbinden. De trainingen voor de vrouwen zijn helemaal stopgezet. Er was immers een verbod om met meer dan personen bij elkaar te komen. Nu geven we trainingen aan groepen van maximaal 25 vrouwen. ’t Is een hele uitdaging om ons aan de regels van social distancing te houden, maar het lukt.”

Welke impact kan deze crisis op de lange termijn op het project hebben?
“Als deze situatie bijvoorbeeld langer dan een jaar gaat duren, zullen de gevolgen ernstig zijn. Ik verwacht niet dat wij het contact met de vrouwen zullen verliezen, maar hun inkomen zal aanzienlijk afnemen. Belangrijk is ook dat er het verkeer met het zuiden van het land blijft bestaan. En dat de prijs van een zak kariténoten niet nog verder daalt. Nu al hebben we te maken met een daling van 20 tot 40%. Een ander risico is dat de karitébomen gekapt zullen worden. Dat mag niet, maar mensen hebben brandstof nodig.”

Hoe voel jij je hieronder?
“Ik maak me zorgen. Ik heb me ook triest gevoeld. Mijn geloof betekent in deze tijd heel veel voor me. Het houdt me gaande. In Afrika kun je niet zonder geloof leven. Wat ons hier nog te wachten staat is onzeker. Voor mij, maar ook voor anderen is het moeilijk om te blijven vertrouwen op de leiders van ons land en die van andere landen. Ik vertrouw erop dat God uitkomst zal bieden, al weten we nu nog niet hoe. Ook mijn gezin probeer ik in dit vertrouwen op God te bemoedigen.
Door wat er nu gebeurt heb ik ook twee lessen geleerd. De eerste is dat wij voor onze inkomens ons niet helemaal afhankelijk moeten maken van één bron van inkomen. Dat maakt ons immers kwetsbaar in situaties als deze. De tweede is dat gelovigen zich niet te veel afhankelijk moeten maken van predikanten. Zij zullen uit zichzelf tot God moeten wenden door te bidden en de Bijbel te lezen. Predikanten kunnen nu immers niet naar de dorpen komen om dit voor hen te doen.”

Waarvoor zou je willen dat onze gemeenschap voorbede doet?
“Voor de Westerse wereld. Dat die goed weet om te gaan met de impact van de Coronacrisis. Je moet in deze tijd voor heel de wereld bidden, maar vooral voor Afrika. Heel Afrika zal door het virus getroffen worden, niemand ontkomt eraan. Meer dan andere continenten is ze afhankelijk van wat er elders in de wereld gebeurt.
En voor de boerinnen van het project. Het project biedt hen extra inkomen waardoor ze de armoede waarin ze verkeren wat weten te verlichten. Het is zaak dat hun inkomen op peil blijft.”

Wil je nog iets anders zeggen?
“Ik ben blij dat ik de kans krijg om iets te mogen vertellen over mijzelf, mijn gezin en mijn werk projectmanager van het shea project in deze tijd. Het sterkt me dat jullie gemeenschap interesse heeft voor wat hier gebeurt. Ik zal aan de vrouwen van het project de groeten van jullie gemeenschap overbrengen.”

Henk Bosch en Gerard van Eck